
Het eerste getal wint
Hoe prijzen voelen voordat ze gelezen worden.
In juli hing Amos een prijskaartje aan Summa, en hij deed er drie avonden over om het getal te kiezen waar hij drie weken spijt van zou krijgen.
Zijn logica leek waterdicht. Summa draaide voor een paar grijpstuiken aan serverkosten, terwijl de grote marktleider Confinity rustig vijfentwintig euro per maand vroeg. Wat vraag je dan als eenpitter die net komt kijken? De laagste prijs die nog nét serieus klinkt: twee euro. Vergeleken met die vijfentwintig was dat geen tarief, maar een open deur.
De eerste week leek het te kloppen. De aanmeldingen bleven komen en een stuk of vijftien mensen betaalden. Alleen waren het niet de mensen voor wie hij bouwde. Freelancers met echte omzet, echte klanten en een echte btw-deadline keken rond en vertrokken. Hoe harder Amos naar zijn dashboard staarde, hoe minder het patroon zich liet wegverklaren: de gebruikers die Summa het hardst nodig hadden, waren precies degenen die niet betaalden.
Eén afhaker liet tenminste weten waarom hij vertrok. Zijn mailtje was twee regels kort, en Amos kon de woorden uittekenen: ‘Mijn boekhouder vroeg wat het kostte. Toen ik twee euro zei, vroeg hij wat er ontbrak.’
Er zat geen rekenfout in de prijs. De prijs vertelde alleen een heel ander verhaal dan Amos dacht.